Zeven sleutels training

Er zijn steeds meer nieuwe, kleine initiatieven van christenen om op lokaal niveau – in de context van een wijk of straat – een geloofsgemeenschap te vormen. De maatschappij is met name in de grotere steden cultureel zeer divers. Gelovigen worden geroepen om mensen van verschillende etnische – en culturele achtergronden met het evangelie te bereiken. Naast de intrinsieke motivatie zijn ook culturele sensitiviteit en specifieke kennis & waardigheden nodig om met diversiteit binnen de geloofsgemeenschap om te kunnen gaan. Deze basiscursus behandelt een aantal belangrijke basisaspecten van de schoonheid en complexiteit van intercultureel kerk – zijn. Ook worden er praktische tips & tools aangereikt om er in de praktijk mee aan de slag te gaan.

Het derde weekend

Leiders trainen, daar spraken Hans, Rien, Sara en Alexander over tijdens het derde teamtraningsweekend. Je vindt hun lezingen, presentaties én opdrachten in deze les. Veel kijk- en werkplezier!

Indeling

De opbouw van het weekend is als volgt:

  1. Leiders trainen I Een introductie op leiders trainen & zelf-zorg
  2. Leiders trainen I Ben jij een VOOR-ganger?
  3. Leiders trainen I Zoek jij een BOBO?
  4. Leiders trainen I Conflicthantering
  5. Leiders trainen I Een praktijkverhaal

Discipelen maken | Les 3: Drie sleutels

Jezus maakt in zijn laatste op aarde uitgesproken woorden niet alleen duidelijk waartoe we geroepen zijn, maar ook hoe we dat moeten doen, discipelen maken. In deze les gaan we voortborduren op les 2 met de praktische invulling van die opdracht.

Waarom deze les?

Alhoewel discipelschap geen stappenplan is of een een succesformule, willen we je wel handvatten meegeven die je op weg kunnen helpen. Je krijgt drie algemene sleutels aangereikt waarmee je aan de slag kan om dit in jouw context dit vorm te geven.

Hoe pakken we dat aan? 

Tijdens de trainingsweekenden houden we een drieslag aan die ook in de lessen terugkomt. Neem voor elk onderdeel ongeveer een half uur de tijd. 

  1. De eerste vraag is gericht op evaluatie: wat is? We gaan liefdevol evalueren.
  2. Vervolgens laten we ons inspireren: wat kan? Dan willen we hoopvol dromen.
  3. Tenslotte bereiden we ons voor op actie: wat zal? En daar zullen we gelovig plannen.

Discipelen maken | Les 2: Gaan, Dopen, Leren

Jezus maakt in zijn laatste op aarde uitgesproken woorden niet alleen duidelijk waartoe we geroepen zijn, maar ook hoe we dat moeten doen, discipelen maken. In deze les gaan we aan de slag met de praktische invulling van die opdracht.

Waarom deze les?

Over discipelschap wordt veel geschreven, maar het gaat erom dat we het in praktijk brengen. Hoe je dat doet, dat is nog niet zo makkelijk. In deze les willen we elkaar stimuleren om op ontdekkingstocht te gaan. We zijn allereerst zelf leerlingen die steeds weer nieuwe wegen ontdekken achter de Meester aan. Dat doen we samen als gemeenschap. Het onderstaande materiaal kan je daarbij helpen.

Wat gaan we doen? 

In deze les gaan we aan de slag met de drie onvoltooide deelwoorden die volgen op het zendingsbevel om discipelen te maken. Je doet dat ‘gaande’, ‘dopende’ en ‘lerende’ onderhouden wat Jezus heeft geboden. Die drie woorden vatten de strategie samen die Jezus zijn leerlingen voorhield. Wij gaan ermee oefenen.

Hoe pakken we dat aan? 

Tijdens de trainingsweekenden houden we een drieslag aan die ook in de lessen terugkomt. Neem voor elk onderdeel ongeveer een half uur de tijd. 

  1. De eerste vraag is gericht op evaluatie: wat is? We gaan liefdevol evalueren.
  2. Vervolgens laten we ons inspireren: wat kan? Dan willen we hoopvol dromen.
  3. Tenslotte bereiden we ons voor op actie: wat zal? En daar zullen we gelovig plannen.

Het tweede weekend

TT1aanbidding

Discipelen maken, daarover spraken Hans, Rien, Sara en Walid tijdens het tweede teamtrainingsweekend. Je vindt hun lezingen, presentaties én opdrachten in deze les. Veel kijk- en werkplezier!  

Indeling

De opbouw van het weekend is als volgt:

  1. Discipelen maken I Een introductie op discipelschap
  2. Discipelen maken I Door wie ben jij gediscipeld?
  3. Discipelen maken I Hoe ga jij als discipel om met afwijzing?
  4. Discipelen maken I Wat kun je doen als kerk?
  5. Discipelen maken I Een praktijkverhaal

Discipelen maken | Les 1: Leerling zijn

In Matteus 28:18-20 vinden we bekende woorden van Jezus over het maken van discipelen, maar wat betekenen ze in de praktijk van onze pioniersplekken en de kerk? We staan in de komende lessen stil bij het zogenaamde ‘zendingsbevel’. 

Waarom deze les?

Discipelschap (het thema van weekend 2) zou je het kloppende hart van de kerk kunnen noemen. Op missie gaan (waarover we in weekend 1 spraken) loopt daarop uit; Jezus begint zijn oproept om discipelen maken met “ga erop uit”. En leiderschap (waarover we in weekend 3 spreken) komt eruit voort; je kunt niet voorop gaan als je zelf geen leerling bent. Van voren een schaap die de Herder volgt; van achteren een herder die anderen meeneemt. Het gaat erom dat we vermenigvuldigen (daarover gaat weekend 4); we zijn zelf discipelen die anderen tot discipelen maken, die zelf ook weer discipelen zijn en maken, enzovoorts. Omdat discipelschap zo’n centraal thema is, staan we er in de komende lessen bij stil.  

Wat gaan we doen? 

In deze les denken we na over het zijn van een discipel. We letten op wat dat is en hoe je het bent, persoonlijk en als team. In de volgende lessen gaan we dieper in op het doen; hoe je discipelen maakt. 

Hoe pakken we dat aan? 

Tijdens de trainingsweekenden houden we een drieslag aan die ook in de lessen terugkomt. Neem voor elk onderdeel ongeveer een half uur de tijd. 

  1. De eerste vraag is gericht op evaluatie: wat is? We gaan liefdevol evalueren.
  2. Vervolgens laten we ons inspireren: wat kan? Dan willen we hoopvol dromen.
  3. Tenslotte bereiden we ons voor op actie: wat zal? En daar zullen we gelovig plannen.

Op missie gaan | Les 5: Vermenigvuldig

In de vorige vier lessen hebben we gelet op de strategie die Jezus kiest om zijn discipelen te trainen in de grote opdracht (Lukas 10). Hij leert hen om altijd te VRAGEN om leiding, voorziening en bescherming. Vervolgens wordt duidelijk dat hun zoeken gericht moet zijn op het VINDEN van personen die openstaan voor de boodschap. Het komt erop aan dat we leren VERTELLEN in woorden en daden wat het goede nieuws inhoudt. En dat doen we bij voorkeur door mensen bij elkaar te brengen, te VERZAMELEN in kleine groepen waar discipelschap plaatsvindt. De stappen die Lukas beschrijft blijken in de vroege kerk steeds te worden herhaald. We zien hoe de gelovigen en hun gemeenschappen zich VERMENIGVULDIGEN. In deze vijfde les zoomen we daar op in.

Waarom deze les?

Als we Jezus volgen en een missionair leven leiden, dan kan het niet anders of we gaan tegenstand ervaren. Dat blijkt niet alleen uit Lukas 10, maar wordt op tal van plaatsen in Oude en Nieuwe Testament duidelijk. Dat gegeven kan ons afschrikken en ontmoedigen. Daarom is het goed hier samen bij stil te staan en na te denken hoe we ons het beste kunnen wapenen in de strijd. In deze les gaan we daarmee aan de slag.

Wat gaan we doen? 

We gaan eerlijk in gesprek. Het is mooi om successen te delen, maar het kan ook helend zijn om juist te praten over tegenslag en lijden in en aan het werk. We zullen zien dat vermenigvuldiging vaak plaats vindt langs de weg van gebrokenheid. De verhalen van Gideon en zuster Ann uit China illustreren dat. We kunnen leren om in de moeite toch vol te houden en te volharden.

Hoe pakken we dat aan? 

Tijdens de trainingsweekenden houden we een drieslag aan die ook in de lessen terugkomt. Neem voor elk onderdeel ongeveer een half uur de tijd. 

  1. De eerste vraag is gericht op evaluatie: wat is? 
  2. Vervolgens laten we ons inspireren: wat kan?  
  3. Tenslotte bereiden we ons voor op actie: wat zal? 

Op missie gaan | Les 4: Verzamel

Lukas vertelt in het tiende hoofdstuk van zijn evangelie hoe de eerste volgelingen van Jezus oefenen in missionair leven. Dat staat of valt met VRAGEN om leiding, voorziening en bescherming (vers 1-3). Het is gericht op het VINDEN van de Persoon van vrede die openstaat voor het goede nieuws (vers 4-6). Belangrijk is dat we leren VERTELLEN met daad en woord: eet, genees en spreek van het Koninkrijk dat komt (vers 8-9). Vervolgens maakt Jezus duidelijk dat het belangrijk is om te investeren in het netwerk van de mensen die openstaan voor zijn boodschap. We vatten dat in deze les samen in het woord VERZAMELEN (vers 7). 

Waarom deze les?

In Lukas 10:7 roept Jezus zijn volgelingen op om in het huis van de persoon van vrede te blijven. Daarmee bedoelt hij niet het gebouw waarin zij wonen, maar het netwerk om hen heen. Het Griekse woord oikos dat is gebruikt duidt op de extended family. Wij zijn geneigd om mensen die interesse tonen in het goede nieuws mee te nemen naar de kerk, dus uít hun netwerk ín het onze. Maar Jezus daagt ons juist uit om bij hén te blijven, in hun community. We hebben het nodig om hier goed bij stil te staan. Daarom deze les. 

Wat gaan we doen? 

In deze les gaan we aan de slag met een manier van bijbel lezen in kleine groepen die heel goed werkt voor geïnteresseerde zoekers en jonggelovigen. We bekijken eerste hoe we groepen kunnen vormen met Personen van vrede. Vervolgens zoomen we in op de methode van Ontdekkend bijbel lezen (Discovery Bible Study). En dan gaan we er ook mee oefenen. 

Hoe pakken we dat aan? 

Tijdens de trainingsweekenden houden we een drieslag aan die ook in de lessen terugkomt. Neem voor elk onderdeel ongeveer een half uur de tijd. 

  1. De eerste vraag is gericht op evaluatie: wat is? 
  2. Vervolgens laten we ons inspireren: wat kan?  
  3. Tenslotte bereiden we ons voor op actie: wat zal? 

Op missie gaan | Les 3: Vertel

In Lukas 10 lezen we hoe Jezus 72 volgelingen op stage stuurt. Hij instrueert hen om te bidden (Vraag), te zoeken naar Personen van Vrede (Vind) en met daden en woorden te spreken over het Koninkrijk dat komt (Vertel). Op die laatste stap zoomen we nader in.

Waarom deze les?

“Verkondig het evangelie, desnoods met woorden”, is een veel gebruikte uitspraak. Maar klopt dat eigenlijk wel? De gedachte erachter is dat onze daden luider spreken dan onze woorden. Dat is waar, maar we zullen toch ook echt uitleg moeten geven bij wat we doen. En dat is soms ingewikkeld. We doen liever iets, dan dat we spreken. Wat zeggen we? Hoe zeggen we dat? Waarom zouden we iets zeggen? In deze les gaan we aan de slag met de kunst van het vertellen van goed nieuws, omdat dit in de missie cruciaal is.

Wat gaan we doen? 

We gaan oefenen met het vertellen van verhalen. Het wordt een praktische les waarin we ons persoonlijke getuigenis leren delen, het goede nieuws in een eigentijds jasje leren verkondigen en een bijbels verhaal gaan navertellen.

Hoe pakken we dat aan? 

Tijdens de trainingsweekenden houden we een drieslag aan die ook in de lessen terugkomt. Neem voor elk onderdeel ongeveer een half uur de tijd.

  1. De eerste vraag is gericht op evaluatie: wat is?
  2. Vervolgens laten we ons inspireren: wat kan?
  3. Tenslotte bereiden we ons voor op actie: wat zal?

Op missie gaan | Les 2: Vind

Lukas 10 beschrijft vijf stappen op weg naar een missionair leven. In de vorige les bekeken we de eerste stap: vraag, blijf dichtbij Jezus. Nu zoomen we in op de tweede stap: vind.  

Waarom deze les? 

Op missie gaan betekent dat we uit onze comfortzone komen. Dat gaat niet vanzelf, zo zien we al aan de discipelen na de hemelvaart van Jezus. Ze blijven als joden bijeen in Jeruzalem, terwijl de Meester hen had opgeroepen om naar Samaria en de uiteinden van de aarde te gaan (Hd.1:8). De Geest laat het er niet bij zitten. Hij staat een vervolging toe, zodat de gelovigen zich moeten verspreiden (Hd.8:1). Maar dan nog kiezen zij ervoor om zich in hun verkondiging te beperken tot de eigen volksgenoten (Hd.11:19)! Dan lezen we iets bijzonders: “Er waren onder hen echter enkele mannen van Cyprus (Griekenland) en uit Cyrene (Libië) die, toen ze in Antiochië gekomen waren, het woord richten tot de Grieks sprekenden … En de hand van de Heer was met hen” (Hd.11:20-21). De Heer wil dat we uit onze bubbel komen en grenzen oversteken. Daarom staan we hier vandaag bij stil. 

Wat gaan we doen? 

We zullen onze motieven onder de loep nemen: waarom gaan we op missie? En wat verhindert ons daarbij? Vervolgens bespreken we manieren om de outreach in praktijk te brengen: hoe gaan we op zoek naar mensen die Jezus niet kennen? En tenslotte letten we op de zogenaamde PVV-ers, de Personen Van Vrede waarover Jezus spreekt in Lukas 10: wie zijn dat en hoe herken je hen? 

Hoe pakken we dat aan? 

Tijdens de trainingsweekenden houden we een drieslag aan die ook in de lessen terugkomt. Neem voor elk onderdeel ongeveer een half uur de tijd. 

  1. De eerste vraag luidt: wat is? We gaan liefdevol evalueren. 
  2. Vervolgens bespreken we: wat kan? Dan willen we hoopvol dromen. 
  3. Tenslotte stellen we vast: wat zal? En daar zullen we gelovig plannen. 

Op missie gaan | Les 1: Vraag

Lukas beschrijft in het tiende hoofdstuk van zijn evangelie vijf stappen op weg naar een missionaire levensstijl: vraag, vind, vertel, verzamel en vermenigvuldig. In deze les zoomen we in op de eerste en meest fundamentele stap: vraag, oftewel bid! 

Waarom deze les? 

Zonder Jezus kunnen we niets doen, maar met Hem kunnen we bergen verzetten. “Heb vertrouwen in God”, zegt hij in Markus 11 vers 22. “Ik verzeker jullie: als iemand tegen die berg zegt: ‘Kom van je plaats en stort je in zee’, en niet twijfelt in zijn hart, maar gelooft dat gebeuren zal wat hij zegt, dan zal het ook gebeuren.” Het allerbelangrijkste in het samen op missie gaan is dat we afgestemd zijn op de Geest van God. John Piper schrijft dat aanbidding het doel en de brandstof is van zending.  

Missions is not the ultimate goal of the church. Worship is. Missions exists because worship doesn’t. Worship is ultimate, not missions, because God is ultimate, not man. When this age is over, and the countless millions of the redeemed fall on their faces before the throne of God, missions will be no more. It is a temporary necessity. But worship abides forever. 

John Piper, Let the nations be glad, Baker 2010, 35  

Wat gaan we doen? 

In deze les willen we samen spreken over de ontwikkeling van een gezond gebedsleven, persoonlijk, als team en met de gemeenschap waar we onderdeel van zijn. Dit is niet iets dat we ineens onder de knie hebben, maar een proces dat een leven lang leren omvat. Het mooist is om dat met elkaar te bespreken in het team. Neem daarom de tijd om dit samen uit te werken. 

Hoe pakken we dat aan? 

Tijdens de trainingsweekenden houden we een drieslag aan die ook in de lessen terugkomt. Neem voor elk onderdeel ongeveer een half uur de tijd.  

  1. De eerste vraag luidt: wat is? We gaan liefdevol evalueren.  
  2. Vervolgens bespreken we: wat kan? Dan willen we hoopvol dromen.  
  3. Tenslotte stellen we vast: wat zal? En daar zullen we gelovig plannen.  

Het eerste weekend

TT1aanbidding

Op missie gaan, daarover spraken Hans, Rien en Sara tijdens het eerste teamtrainingsweekend. Je vindt hun lezingen, presentaties én opdrachten in deze lessen. Daarbij hebben we de bekende opbouw aangehouden van liefdevol evalueren (wat is?), hoopvol dromen (wat kan?) en gelovig plannen (wat zal?). Veel kijk- en werkplezier!  

Indeling

De opbouw van het weekend is als volgt:

  1. Liefdevol evalueren I wat is?
  2. Hoopvol dromen I de zender I wat kan?
  3. Hoopvol dromen I de boodschap I wat kan?
  4. Hoopvol dromen I de ontvanger I wat kan?
  5. Gelovig plannen I wat kan?

Introductie

In deze introductie maak je kennis met ICP en de trainers, je ontdekt op welke manier de training is opgebouwd en hoe je er het meest uit kan halen. Ook vind je er een overeenkomst. Tenslotte kun je een preek van Hans Euser bekijken over het belang van intercultureel kerk-zijn.